Psalm 52

Terug naar psalm overzicht

Info
 

Melodie

midi bestand
1773

1
Waartoe u dus beroemd in 't kwade,
Vermeetle dwingeland?
Ik steun gerust op Gods genade,
En trouwen onderstand;
Zijn goedheid duurt den gansen dag;
Zijn almacht wekt ontzag.
2
Uw tong, die toelegt om te schaden,
En als een scheermes snijdt,
Durft zich met snood bedrog beraden,
Uit bittren wrok en nijd.
Gij mint het onrecht; haat de deugd;
De logen baart u vreugd'.
3
Gij grieft mij door uw schampre woorden,
Door taal, die mij verbaast.
Gij tracht mij door uw tong te moorden;
Maar beef; gij wordt welhaast
Door God, die uw gedrag verfoeit,
Voor eeuwig uitgeroeid.
4
God zal u voor Zijn wraak doen bukken,
En door Zijn sterke hand,
U uit uw tent en schuilplaats rukken;
Ontwortlen uit uw stand.
De vromen zullen, vrij van nood,
Dan lachen om uw dood.
5
"Zie", zal men zeggen, "zie den dwaze,
Die, op zijn rijkdom stout,
Ons wilde door zijn macht verbazen,
Op God niet heeft vertrouwd;
Zijn sterkte kreeg hij door geweld.
Nu ligt hij neergeveld."
6
Maar ik zal als d' olijfboom groeien,
In 't huis des groten Gods;
Ik zal in eer en godsvrucht bloeien.
God is mijn steun en rots;
Op Zijne gunst, mij toegezeid,
Vertrouw 'k in eeuwigheid.
7
Mijn God, U zal ik eeuwig loven,
Omdat Gij 't hebt gedaan.
'k Verwacht Uw trouwe hulp van boven;
Uw waarheid zal bestaan.
Uw Naam is voor 't oprecht gemoed,
Van al Uw gunstvolk goed.

Datheen

1
Zeg gij, tiran, waarop gij bouwet
Met geweld en boosheid,
Hoe staat gij zo ende betrouwet
Op uw ongerechtheid?
Nochtans is Gods bijstandigheid
Ons dagelijks bereid.
2
Uw tong alleen schadet en kwellet,
En is tot allen tijd,
Als een scheermes zeer wel gestellet,
Dat zeer scherpelijk snijdt.
Gij bemint valsheid en dat kwaad
Meer dan 't recht metterdaad.
3
Om woorden die zeer kunnen schaden
Te spreken zijt gij snel.
Maar God zal u straffen en smaden,
Gij valse tonge fel;
Gij wordt doorsneden en verdrukt,
Ja uit uw plaats gerukt.
4
Gij boze, gij wordt uitgehouwen
Tot den wortel meteen;
't Welk de vromen zullen aanschouwen,
Met een vreze niet kleen,
En lachende met Uwen val,
Zullen zij spreken al:
5
Dit is hij, die niet heeft verkoren
God tot zijn hulp allein,
Maar op zijn rijkdommen al voren
Steld' hij zijn hart onrein;
Hij heeft hem gesterkt met boosheid
En ongerechtigheid.
6
Maar ik, die nu ben en zal wezen
Alleen stout ende koen
Op Gods goedigheid hoog geprezen,
Als een olijfboom groen,
Zal geplant zijn midden eenpaar
In Godes huis eerbaar.
7
Dan zal ik voor deez' wrake, Heere,
U steeds prijzen voortaan;
En op U, vol van macht en ere,
Gronden en blijven staan;
Want Uw goedheid veel goeds doen zal
Uwen volk overal.

Overige
Gereformeerd kerkboekWaarom beroemt u zich op 't kwade
Liedboek 1973Waarom toch het kwaad zo te prijzen
Marnix van St. AldegondeDu mensch die du bist sterck end' machtich,
Bladmuziek
Van deze psalm zijn er geen muziekbewerkingen.
Afbeelding
Video
Hieronder staan een aantal video's. Hier kunnen video's tussen staan die niets met deze psalm te maken hebben.

© juichtaarde.nl

Juicht de Here, gij ganse aarde,
dient de Here met vreugde
(o.a. Evangelische liedbundel 23)