Psalm 28

Terug naar psalm overzicht

Info
 

Melodie

midi bestand
1773

1
Ik roep tot U, o eeuwig Wezen!
Mijn rotssteen, nooit naar eis volprezen.
Wend niet, als doof, van mij Uw oren!
Zwijg niet; laat mij Uw antwoord horen.
Opdat ik niet gerekend word',
Met die in 't graf zijn neergestort.
2
Hoor naar mijn stem en kermend smeken,
Als ik mijn handen op zal steken,
Naar d' aanspraakplaats, uw heilge woning.
Trek mij niet weg, o Opperkoning,
Met hen, wier argelistigheid,
In schijn van vrede, kwaad bereidt.
3
Doe 't kwade, bij hen ondernomen,
Op hen, naar hun verdiensten, komen.
Geef hun, opdat z' Uw hoogheid merken,
Naar hun verkeerd' en boze werken.
Dat Uw gestrenge geselroe
Hun, naar het recht, vergelding doe.
4
Omdat zij nooit naar 't werk des HEEREN,
Oplettend hart of ogen keren;
Maar onbedacht en stout versmaden,
Het oogwit Zijner grote daden,
Zal Hij hen doen te gronde gaan.
Ontbloot van hulp om op te staan.
5
Geloofd zij God, wiens open oren,
Mijn smeekstem gunstig wilden horen.
Hij is mijn sterkt' en schild in 't strijden,
'k Vertrouwd' op Hem, Hij hielp m' uit lijden;
Dies springt mijn hart van juichensstof,
En zingt des Allerhoogsten lof.
6
God geeft Zijn gunstvolk moed en krachten,
Hij zal, in weerwil aller machten,
Zijn Rijksgezalfde staag behoeden,
Red, HEER', Uw Isrel uit al 't woeden.
Geef zegen aan Uw erv', en weid
Uw volk, verhef z' in eeuwigheid.

Datheen

1
O Heer! Gij zijt mijn sterkte machtig,
Tot U is 't, dat ik bidde klachtig;
Zwijg niet stil, o mijn God geprezen!
Of anders zo moet ik nu wezen
Enen mense gans'lijk gelijk,
Die men begraaft in dat aardrijk.
2
Wil Heer! verhoren al mijn klagen,
Als ik schreie, zijnde verslagen,
In Uw heilig huis vol met ere.
Laat mij met hen niet n zijn, Heere!
Die nergens in blijdschap ontvaan,
Dan in het kwaad, dat zij begaan.
3
Zij spreken van vreed' allerwegen,
Doch haar hart is tot kwaad genegen.
Wil hun naar haar verdienste geven,
En naar haar meningen daarneven;
Maak dat haar overkome snel,
Den loon harer boosdaden fel.
4
Omdat haar harten niet bemerken
Uwe heerlijke wonderwerken
En de kennisse gans niet achten
Uwer daden, Heer, vol van krachten;
Zij werden verworpen voortaan,
Zonder namaals meer op te staan.
5
Geloofd zij God, Die mijn gebeden
Verhoord heeft naar Zijn goedigheden.
God is mijn schild ende burcht krachtig,
Van Hem komt mijn hulpe waarachtig.
Dies moet mijn hart wezen verblijd,
En mijn mond Hem zingen altijd.
6
Hij geeft mijn volk kracht om te strijden,
Zijnen koning Hij t' allen tijden
Bewaart; dies laat 't volk Uwer erven
Uwen zegen, o Heer, verwerven;
Wil dat brengen ter heerlijkheid,
En voeden in der eeuwigheid.

Overige
Gereformeerd kerkboekIk roep tot U, mijn rots, mijn HERE!
Liedboek 1973Ik roep tot U, mijn rots, mijn Here!
Marnix van St. AldegondeO Heer mijn borcht end' stercke veste,
Bladmuziek
Van deze psalm zijn er geen muziekbewerkingen.
Afbeelding
Video
Hieronder staan een aantal video's. Hier kunnen video's tussen staan die niets met deze psalm te maken hebben.

© juichtaarde.nl

Dan groeit in mij steeds sterker dit verlangen:
Laat heel de wereld zien, hoe echt uw liefde is
tekst & muziek: Paul Oakley (o.a. Opwekkingsbundel 494)